De kleurencirkel

Primaire kleuren
De primaire kleuren zijn Rood, Geel en Blauw. Dit zijn de drie basiskleuren die het mogelijk maken om in feite alle kleuren te kunnen krijgen. Dit komt omdat het zuivere kleuren zijn, die niet kunnen ontstaan door menging. Gebruik je bij het mengen van de primaire kleuren ook nog eens zwart of wit dan zul je zien dat de kleur donkerder of lichter wordt.

Secundaire kleuren
Als je twee primaire kleuren met elkaar gaat mengen zal er een secundaire kleur ontstaan. Denk hierbij aan de volgende kleuren: oranje, groen en paars. Als je rood en geel mengt krijg je namelijk oranje, meng je geel en blauw dan krijg je groen en rood en blauw wordt samen paars. Daarnaast vormen de primaire en secundaire kleuren samen de kleuren van de regenboog.

Tertiaire kleuren
Een tertiaire kleur ontstaat door drie kleuren met elkaar te mengen. Je kunt bijvoorbeeld een primaire kleur met een secundaire kleur, drie primaire kleuren of twee secundaire kleuren met elkaar mengen. Zo kun je bijvoorbeeld de kleur bruin krijgen door rood en groen met elkaar te mengen. Echter kun je ook bruin krijgen met de secundaire kleuren oranje en paars of de primaire kleuren rood, geel en blauw.

Complementaire kleuren
Op de kleurencirkel vindt je ook de complementaire kleuren. Dit zijn de kleuren die recht tegenover elkaar liggen en het meest contrasterend zijn. Bijvoorbeeld:
Groen en Rood
Oranje en Blauw
Als je deze kleuren naast elkaar gebruikt zullen ze elkaar gaan versterken. Dus blauw lijkt blauwer en oranje meer oranje als je die naast elkaar gebruikt.

Warme en koude kleuren
Als laatste staan er ook nog warme en koude kleuren in de kleurencirkel weergegeven. Deze kleuren gebruik je om de sfeer van je tekening te bepalen.