Contouren en schaduwen

Contouren

Contouren zijn de buitenste lijnen van je tekeningen. Je brengt nog geen schaduwen of tinten aan, alleen lijnen. Het is belangrijk om de contouren goed te leren tekenen als je een goed eindresultaat wilt krijgen. Om de juiste contouren te kunnen tekenen is het belangrijk dat je, je voorwerp in de goede verhouding tekent en op de juiste plaats. Maak daarom gebruik van een raster. Bijvoorbeeld je wil een tekening maken die 20 cm breed is en 24 lang. Je maakt dan een raster met hokjes van 2 cm. Dat zijn 10 rijen in de breedte en 12 in de lengte. Dat zelfde raster leg je over je voorbeeld. Je kan nu met behulp van de hokjes precies nagaan waar wat getekend moet worden. Nu heb je de basis in de juiste verhouding. Je kunt dit gaan uitbreiden door er steeds meer aan toe te voegen.

Schaduwen

Dé manier om je tekening nog realistischer en ruimtelijker te maken, is door aan de slag te gaan met schaduw. Door schaduw te gebruiken in je tekening, creëer je diepte en breng je je tekening tot leven. Kijk maar eens naar deze simpele cirkel en de transformatie naar een driedimensionale aarde. Schaduw maakt het verschil:

Om schaduw te kunnen zien ben je een lichtbron nodig.Vanaf welke kant komt het meeste licht op het object? Dit zie je vooral aan de highlights die op een object te vinden zijn. Meestal kun je, je inbeelden dat de zon of een lamp er vanaf een bepaalde kant op schijnt. Deze invloed van het licht beïnvloedt de volledige tekening. Daarnaast heb je te maken met schaduwwaarden. Dat houdt in dat objecten niet alleen maar bestaan uit licht en donker maar er heel veel kleurtonen tussen in zitten.

Wanneer er ook een schaduw is op het oppervlak waar je object zich op bevindt, spreek je over een slagschaduw. Als je vanuit de lichtbron kijkt, is dit in principe de plek direct achter het object. Dit gedeelte krijgt geen licht omdat het licht wordt geblokkeerd door het object.